Mensen vragen wel eens aan Andrea hoe het komt dat de een zich een BDE wel herinnert en een ander niet. Het heeft allemaal zijn bedoeling en die bedoeling begrijp ze nu. “De BDE heeft mij eigenlijk uit de materiële wereld omhoog geheven naar een veel grotere verdieping van het innerlijke leven. Naar een zoeken naar wat er allemaal is en hoe je dat aan een ander kunt laten zien”. In een moeilijke periode van haar leven, nu ruim zestien jaar geleden, was Andrea aan het einde van haar krachten. Ze was lerares, zorgde voor haar man Jos en vier kinderen. Daarnaast had zij de zorg voor haar schoonouders en schoonbroer die ziekelijk waren. De dagen waren van vroeg tot laat gevuld met werk. Andrea kreeg veel last van zware hoofdpijn. “Door die hoofdpijn kon ik op een dag absoluut niet naar school en ging naar de dokter voor hulp. Ik kreeg een injectie tegen de pijn en ging naar huis om te rusten. Of het aan de spuit lag of het moment, weet ik niet, maar het resultaat was een BDE.”
“Ik lag thuis in bed en was alleen. Ik voelde mij draaierig worden, alsof ik op een woelige zee dreef. Toen kreeg ik schokken in mijn benen, armen en hoofd, een soort zenuwtrekken. Daarna volgden hartkloppingen, en sloeg mijn hart over. Op een gegeven moment voelde ik een aanwezigheid naast me staan. Ik zei lachend: ‘Ik ga nog niet mee’. Ik was me niet bewust dat ik aan het sterven was. Het moet een uittreding zijn geweest, want ik zag mijzelf. Ik kreeg een ‘evaluatie’, zag de film van mijn leven. Dat ging snel. Ik dacht dat ik het goed had gedaan met de zorgen voor familie, huishouden en werk. Maar boven waren ze daar niet mee akkoord; zij vonden dat ik niet goed bezig was geweest. Ik zag mezelf zonder hoofd lopen. Ik kreeg door: ‘Kijk, je hebt gerend van het een naar het ander, om er zo goed mogelijk te zijn voor anderen, maar je bent jezelf voorbijgelopen. Je eigende jezelf het recht om gelukkig te zijn niet toe’. Dat was voor mij een hele klap en ontnuchtering. Dertien jaar van mijn leven had ik alles gegeven – en dat ze dat daar boven dan zo zien. Daarna rende ik over een steiger. Ik realiseerde me dat ik zó hard rende dat ik niet op tijd zou kunnen stoppen als ik aan het einde kwam.

|
Dat was geen probleem, want ik rende verder over de zee die zich daar onmetelijk groot uitstrekte. Het was een zee van liefde, van geborgenheid. En nog realiseerde ik me niet dat ik aan het sterven was. De zee veranderde in lucht, allemaal stralenbundels waar ik in wervelde. Hoe hoger ik kwam hoe liefdevoller het voelde, een gewaarwording van thuiskomen. Een prachtige helder heerlijke kleur, goudachtig wit licht. De iriserende stralenbundels hadden prachtige kleuren. Een perfectheid was aanwezig. Ik voelde me als herboren, wetende dat ik uitdeinde, of versmolt met de Godheid. Dit werd heviger en omvattender, voller. Ik was één met het geheel, zonder een afgescheidenheid te voelen. Ik was vol van kennis, van waarde en acceptatie. Vol van liefde en tederheid. Zo ging ik maar hoger en hoger. Tot ik in dat totale licht een duif zag. Dat was raar, een duif (mijn opvoeding is katholiek geweest) was voor mij de heilige geest. Op dat moment besefte ik: ‘Ik ben aan het sterven’. Onmiddellijk zei ik : ‘God, dat gaat niet. Ik kan hier niet blijven, mijn man heeft geen werk, ik sta er alleen voor, ik heb praktisch geen hulp. Ik moet terug naar mijn kinderen’. Ik had even de tijd om na te denken. ‘Als dat mag, God, dan zal ik getuigen van wat ik hier allemaal heb meegemaakt’. Het werd mij toegestaan, ik mocht terug. In snelle vaart kwam ik terug in de aardse studie-eetzaal van de school. Ik zag de bankjes groter en groter worden, maar er zaten geen leerlingen. Ik liep razendsnel achterwaarts en zag veel schilderijen met de kleur rood, de liefde, het vuur dat uitgedragen moet worden. Dan ging ik langzamer lopen. Ik heb alles ‘bewust’ meegemaakt. Aan de andere kant leeft ons bewustzijn door. Ik ging rechtop in bed zitten, liep de gang in, nam de telefoon en belde de arts. Hij nam op, ik zei dat ik me niet goed voelde en gaf over. Toen de dokter kwam was het ergste voorbij”.
Na de BDE bleef Andrea, tegen beter weten in, als vanouds doorgaan. Ze gaf les aan school en rende zoals ze daarvoor altijd had gedaan. Tot ze niet meer kon. Ze werd ziek, kreeg fibromyalgie en chronisch vermoeidheidssyndroom, en moest met prepensioen. Het enige wat haar hielp was schilderen, samen met keramiekkunst maken haar grootste passie. Maar haar ziek zijn blokkeerde haar creativiteit. “Dat is wat ik mensen mee wil geven. Ziek zijn betekent dat het lichaam het zwijgen wordt opgelegd, dat je praktisch verplicht bent om geestelijk onderzoek te doen. Vraag jezelf af wat je kunt, wat je moet, wat je wilt en waarom! Wat is er zo mis? Dat heb ik gedaan. Ik kon ook niet verklaren waarom ik de ene dag veel meer pijn had dan de andere. Op een bepaald moment aanvaardde ik de situatie. Nam tijd voor meditatie, voor gebed en rust. Ik genoot en kwam in eenheid met de natuur. Mijn les hierin was dat ik in mijn leven veel te braaf was geweest, niet voor mezelf was opgekomen. Nu leef ik intuïtiever, kan ik het breder zien. Ik heb rust gevonden en weet dat ik niet alleen ben.”
Bij haar eerste schilderij hoorde ze woorden in haar hoofd, die haar stap voor stap vertelde wat ze moest doen om het schilderij te maken. Ze luisterde, voelde zich terug in de hemelse sferen en maakte haar eerste intuïtieve ‘mystieke’ schilderij. Door de ongelovige reacties van haar omgeving stopte Andrea echter met deze vorm van schilderen. Rond de eeuwwisseling, na een jarenlang verwerkingsproces, zeiden ze boven: ‘Je hebt een gelofte gedaan, je zou getuigen. Gebruik je talent en schilder’. “Ik had angst over miskenning en misprijzen, maar schilderen was mijn diepste wens. De energieën stroomden door mij en ik ontwikkelde dit intuïtief schilderen”. Andrea ontmoette een man die belangstelling had voor de schilderijen en tentoonstellingen organiseerde. Lichamelijk knapte ze steeds meer op door homeopathische middelen, de rust die ze nam en het schilderen. Ze kwam toen ook haar belofte na en vertelde over haar BDE tijdens gebedsgenezingen. Legde aan andere mensen uit dat alles een reden heeft, hoe moeilijk het soms ook is, de negatieve en positieve kanten. Haar ontwikkeling in mediamiek schilderen ging daarna snel. Welk procedé Andrea moet gebruiken, hoe ze moet schilderen, het wordt allemaal aangegeven. Ze is in het vertrouwen gestapt. Ook al ziet ze niet altijd precies wat een schilderij voorstelt, ze is heel dankbaar voor elk schilderij dat ze mag maken. “Als mens neem je even totaal afstand van je eigen ik en laat je je leiden. Je stemt je af op je innerlijk.
 |
De BDE bevorderde uiteindelijk de ontwikkeling naar het schilderen, daar ben ik dankbaar voor. Als ik schilder ben ik niet moe, dan ben ik blij, kan ik uren rechtop staan, wat normaal niet lukt. Het is een ontwikkelingsproces door jaren heen. Ik heb er het volste vertrouwen in dat moet zijn, wat moet zijn”.
De belangstelling in Andrea’s werk werd groter. Ze werd bekender en verkocht na verschillende tentoonstellingen veel van haar werk. Haar man Jos was hierbij haar steun en toeverlaat. “Ik kom steeds meer in contact met mensen die pijn hebben, mensen die overgaan en overgegaan zijn. Het bewustzijn leeft verder, het lichaam blijft hier. Ik zie het nu als een tweede kans om zoveel mogelijk in dit leven te realiseren, zoveel mogelijke mensen bij te staan. Via de schilderijen mensen in licht en liefde te begeleiden. Dan volgt de wijsheid vanzelf. Dat is ook nodig in deze tijd”.
'Ik zie het nu als een
tweede kans om
zoveel mogelijk in
dit leven te realiseren.'
|
|