(N.O.H.S.) organiseert al jaren Dental Camps en tandheelkundige zorg
aan
inwoners van westelijk Nepal. José den Brinker ging drie keer mee. Ze vertelt over haar verblijf, het werk en de bevolking. Het blijft een unieke ervaring.
Vrijwilligerswerk
De deelname van tandartsen, tandartsassistenten en mondhygiënistes aan de reis is net als het werk daar op vrijwillige basis. De organisatie ligt in handen van de N.O.H.S. Deze stichting heeft begin jaren negentig de contacten gelegd en deze in de daarop volgende jaren uit kunnen breiden. In eerste instantie richtte de tandheelkundige zorg aan de lokale bevolking zich op directe mondverzorging en vooral extracties ter verlichting van pijn. Vanaf 2007 is preventie en opleiding een steeds belangrijker onderdeel van het programma. José vertrok in 2006 voor de eerste keer met een groep vrijwilligers, waaronder 3 van haar medewerksters naar Nepal. “Met een binnenlandse vlucht vlogen we vanuit Katmandu naar Kawasoti. Bij schemering kwamen we uiteindelijk aan bij de Kumarischool, de basis van waaruit de ‘Dental Camps’ worden bereikt. Waar we later ook kwamen, telkens volgde een uitgebreide ontvangst met ceremonie. We kregen een tika op ons voorhoofd, vrolijke kransen om onze hals en kinderen deden een dansje. Onze slaapvertrekken waren bij de Kumarischool. Fijn dat er klamboes waren tegen het ongedierte. Alleen deze ervaring was grensverleggend. Toch was het een luxe onderkomen tegenover de hutjes waar de plaatselijke bevolking in leeft”.
De hulpverlening
Op de Kumarischool vindt de eerste hulpverlening plaats. De mensen komen in grote aantallen naar de tandarts. Er vindt een ‘intake’ gesprek plaats waaruit de behandelmethode volgt. Dit krijgen ze op een briefje mee en ze wachten. “Het kon gebeuren dat mensen een halve dag in de rij moesten staan voor ze aan de beurt waren. Ze hebben niets te eten en te drinken bij zich en staan daar geduldig te wachten. Als je aan het werk bent, denk je niets, je werkt gewoon. Soms was het moeilijk. Gelukkig mochten we de mensen gewoon aanraken, troosten en geruststellen. De andere dagen hebben we vanuit een ‘Dental Camp’ gewerkt, het binnenland in, gewoon buiten in de open lucht. Daar gingen we met een bus naar toe, waar ook alle materialen in werden vervoerd. Na een aantal dagen werken werd er een rustdag gehouden en konden we de omgeving verkennen. Het is er werkelijk prachtig. Er wordt veel rijst en suikerriet verbouwd, de mensen werken er veelal op het land. Er is praktisch geen industrie. In totaal zijn er door één vrijwilligersgroep ongeveer 1600 mensen behandeld”.
'Gelukkig mochten we de mensen
gewoon aanraken,
troosten en geruststellen.'
Preventie en opleiding
Na de jarenlange hulp ziet de N.O.H.S. dat preventie en opleiding bij de plaatselijke bevolking in het binnenland steeds belangrijker wordt. Door voorlichting te geven op scholen en materialen als tandenborstels en tandpasta te verstrekken blijven lokale leraressen zich inzetten voor een goede mondverzorging. Omdat de stichting door haar tweejaarlijkse bezoeken bekendheid heeft verworven hebben ze veel bereikt. Nu is het belangrijk om naast de bestaande tandheelkundige hulp op de Kumarischool, plaatselijke verpleegkundigen bij te scholen zodat deze bekwaam worden om tandheelkundige hulp te verlenen. Er is toestemming verkregen om deze verpleegkundigen op te leiden tot Oral Health Worker. De training wordt in Kawasoti en op de Kumarischool gegeven en bestaat uit een week theorie en twee weken stage in een Dental Camp. Het is goed dat de mensen daar zelf het werk gaan voorzetten dat door de N.O.H.S. gestart en begeleid is. Aan het einde van de vrijwillige werkperiode is er voor de Nederlanders tijd voor vakantie. Ze trekken het binnenland in als toeristen, maken een olifantentocht en bezichtigen de tempels en stupa’s. Erop terugkijkend besluit José: ‘De mensen hebben er eigenlijk niets maar zijn tevreden. Een behandeling kost € 0.15, dat konden sommige mensen niet eens betalen. Je gaat er als het ware jaren terug in de tijd. Kinderen spelen met steentjes als knikkers en repen met een oude band. De bevolking is blij en dankbaar en laat dat telkens ceremonieel zien. Het hele dorp liep uit, wij waren een bezienswaardigheid. Erop terugkijkend heb ik het werk als geweldig en bijzonder ervaren”.

© Puur Zijn Nu 2009
|