Puur Zijn Nu Digitaal tijdschrift met een natuurlijke visie op gezond leven en bewust zijn. Puur in
 Contact  Promotie Inhoud van deze editie Advertentie tarieven Advertentie pagina  Colofon Disclaimer Wie zijn wij © 2007-2011Puur Zijn Nu


terug naar boven
 



Botanica Symbolica is een buiten-het-gewone rondleiding in Antwerpen begeleid door Key Minnebo. Tijdens de tour, die langs musea, pleintjes en parkjes voert, maak je kennis met de natuur en de symboliek van de planten in de culturen door de eeuwen heen. Met de natuur als inspiratiebron blijft dit voor ons historisch zichtbaar in tuinarchitectuur, bouwkunde, bloementaal en gebruiksvoorwerpen.

                                      Botanica Symbolica
      in Antwerpen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  'Tot de zestiende eeuw
   was er veel wijnbouw in
de lage landen. Het klimaat
  was gunstig in die tijd.'


De tour begint in het Rockoxhuis in de Keizersstraat. In een van de zalen hangt het schilderij ‘De groentenverkoopster’ van Joachim Beuckelaer. Het toont een tafereel van een man en vrouw dat op een aantal manieren door kunsthistorici erotisch wordt uitgelegd. Het tafereel laat veel groenten en fruit zien wat in die tijd zijn betekenis had. “Zo weet iedereen dat de vrouw een noot is om te kraken en dat de kinderen uit de kolen komen”, vertelt Key. “Jacob Cats heeft een mooie tekst geschreven over druiven en vergelijkt de druiventak met een maagd. Degene die de druiventak met eerlijkheid en liefde tegemoet treedt zal de maagd waardig zijn”. De binnentuin van het Rockoxhuis is naar zeventiende-eeuws gebruik aangelegd aan de hand van informatie uit boeken en brieven uit die tijd en zo de tuin te reconstrueren. Zo stonden er tien oranjebomen en twee laurieren. Uit brievencontact met een Fransman weet men dat er oleander en lavendel aan Rockox werden toegestuurd,  die hier nu ook terug te vinden zijn. De geometrie is heel eenvoudig, volgens de architectuur van het huis in eenvoudige Vlaamse stijl. “De oorspronkelijke tuin was destijds gemaakt voor de heer en mevrouw des huizes en hun gasten om tot rust te komen. Ze konden er mediteren en filosoferen. Alle planten stonden ver van elkaar,

werden gesnoeid en geleid. Dit gaf een beter resultaat, mooiere bloemen en vruchten. Deze gecultiveerdheid gaf het streven naar het hoogste in de mens weer. De wereld rook in de zeventiende eeuw anders, er was geen riolering en de mensen wasten zich weinig. In de tuin kon men ruiken aan de bloemen en kruiden en werd er een soort aromatherapie toegepast”.


Key begeleidt de groep naar het Hendrik Conscienceplein bij de Carolus Borromeuskerk met zijn typische barokke gevel en veel versieringen van planten en vruchten. Hier wordt duidelijk dat symboliek van bijvoorbeeld druiven anders kan zijn. Ze verwijzen naar de wijn en het bloed van Christus. Bij de versiering van het gebouw is veel gebruik gemaakt van het Acanthusplant, die met de dood wordt geassocieerd en een directe verwijzing is naar het offer van Christus voor onze eeuwigheid. Even verderop komt de Wijngaardstraat in zicht en staat de groep stil bij een wijnrank, een druivelaar zoals Key vertelt. “Hier bloeien sinds de Middeleeuwen wijnranken. Tot de zestiende eeuw was er veel wijnbouw in de Lage Landen. Het klimaat was gunstig in die tijd.” Via de Groenplaats gaat de tour naar de Lange Gasthuisstraat. Key verhaalt over de klimop en zijn betekenis. “De klimop groeit gemakkelijk op muur en steen, om een stukje doodse omgeving groen te maken. De takken zijn vrij lang en kun je gebruiken om guirlandes te vervaardigen. Ze werden veel gebruikt tijdens Kerstmis maar ook in processies die in de zeventiende en achttiende eeuw plaatsvonden. De klimop staat voor het idee van verbinding omdat zij zich hecht tegen de muren, bij ruines of dode bomen. Hij staat symbool van de tand des tijds, de verbintenis met het verleden. In de achttiende eeuw komt ‘Le language des fleurs’ op. Als je van goeden huize was, werd je opgeleid om elkaar boodschappen te geven door middel van planten en bloemen. In die bloementaal staat de klimop symbool voor trouwe, hechte vriendschap”.

Even verderop ligt de botanische tuin van Antwerpen. De tuin is gelegen naast het St. Elisabethgasthuis, waar destijds een opleiding voor dokters en apothekers kon worden gevolgd. Ten behoeve van studie is in de negentiende eeuw deze wetenschappelijk, botanische tuin aangelegd. “Na de onafhankelijkheid van België werd de opleiding van apotheker en dokter universitair en ging de tuin over in handen van de stad. De stad Antwerpen maakte toen de botanisch tuin toegankelijker voor de mensen, echter alleen op zondag en voor het gegoede volk; nu is hij alle dagen en voor iedereen open. In de tuin staat een serre die goed weergeeft hoe de natuur de bouwkunst heeft geïnspireerd. Paxton heeft dit afgekeken van de koninklijke waterlelie. Aan de onderkant van zo’n waterlelieblad is goed te zien hoe de nerven zich met elkaar verbinden en zich splitsen, zodat een stabiele constructie ontstaat. Op die manier wordt de druk verspreid. Paxton heeft dit voor het eerst toegepast in de staalconstructie van Crystal Palace in Londen, waar in 1851 de wereldtentoonstelling plaatsvond.

1

Voor betonnen peilers wordt de structuur van cactussen als inspiratie gebruikt en de samenstelling van golfkarton is nagebootst van een grasspriet. Als je een grasspriet namelijk onder een microscoop bekijkt zie je een vlies, met daarop een golfpatroon en weer een vlies. Golfplaten zijn ontworpen naar een waaierpalm. Zo leveren de natuur en de plantenwereld hun bijdragen om onze wereld te creëren”.

In de tuin van het Rubenshuis staat Key stil bij het leven in de tijd van Pieter Paul Rubens. De perkjes en de geometrie zijn er complexer dan in de Rockox-tuin. Rubens had interesse voor alle aspecten van het leven. “Door zijn schilderijen is er veel visuele informatie over hoe de tuin eruitzag in de tijd waarin hij leefde. Het prieel is er nog altijd zoals hij ze geschilderd heeft. De aardewerken potten, met vijgen en citrusplant, zijn historisch verantwoord gereconstrueerd. In de tuin staat één plant die echt uit de zeventiende eeuw afkomstig is, een prachtige taxusboom. In de volksmond wordt dit een ‘snottebellekesboom’ genoemd, vanwege de rode vruchtjes die je uit kunt knijpen. De taxus is een boom die de laatste ijstijd overleefd heeft. Hij is nog wel bekend als haag, maar wordt op het vasteland in Europa als boom in het wild welhaast niet meer teruggevonden omdat Napoleon deze boom de oorlog verklaarde. De taxus is namelijk zeer giftig en paarden overleden in groten getalen na het eten van de takken. In die tijd stond de taxus dus voor de dood en eeuwigheid. Gelukkig zijn er in Engeland nog bossen met taxusbomen te vinden. Van het hout worden lansen en longbows gemaakt. Hierdoor staat de taxus symbool voor bescherming. Zo is er voor elke plant een meervoudige uitleg te geven; het ligt eraan vanuit welke context er naar wordt gekeken”.  

De laatste stop van de tour is op het Begijnhof van Antwerpen. Verscholen achter een blinde muur en alleen bereikbaar via een grote poort ligt hier als het ware een klein dorp in de stad verscholen. “De begijnenbeweging ontstond vermoedelijk ten tijde van de kruistochten. Terwijl de mannen ten strijde trokken, bleven vrouwen, dochters en verloofdes achter met hun devotie – gaat de theorie. Deze dames werden onder toezicht van mannelijke geestelijken geplaatst. Een aantal ging in besloten hoven samenwonen en kozen definitief voor het religieuze leven. Zij hadden hier hun devotionele passie, binnen het ommuurde terrein: het begijnhof, dat zo de verwerkelijking was van een paradijs. Per slot van rekening betekent het woord ‘paradijs’ oorspronkelijk ‘besloten tuin’. De begijnen, zoals de vrouwen genoemd werken, legden een gelofte van kuisheid af. Ze voorzagen zelf in hun onderhoud door te werken in onderwijs, opvoeding van kinderen, en was-, hand- enkantwerk. In het Hof hadden zij hun eigen tuintje, een grote gezamenlijke binnentuin en een kerkje ter beschikking. Dat planten geheime boodschappen hebben blijkt hier overduidelijk. Als de begijnen naar de kerk gingen kwamen ze eerst langs één meidoornhaag, de plant die staat voor hoop. Dan passeerden zij twee taxusbomen die, zoals we eerder zagen, staan voor eeuwigheid en bescherming. Vervolgens gingen ze voorbij drie notelaars. De notelaar staat symbool voor gebed. Aldus ontstond de volgende zin in planten geschreven: ‘Hoop op bescherming en eeuwigheid door gebed’, en dan gingen de begijnen de kerk binnen om deze boodschap gestalte te geven.

 

Cultuur bestaat in zijn geheel uit een drie-eenheid: religie, kunst en wetenschap. Evenals de basispijlers verleden, heden en toekomst vormen zij een cirkel voor de eeuwigheid. Tijdens deze rondwandeling met Key Minnebo door Antwerpen kan hiermee welhaast op een magische manier kennisgemaakt worden.

2

Key Minnebo

 

Key is sinds haar tienerjaren al geïnteresseerd in filosofie, symboliek en spiritualiteit. Ze woonde een tijd in Findhorn in Schotland en in Glastonbury in Zuid-Engeland. Nadat zij was teruggekeerd in Antwerpen kwamen er vanuit het Verenigd Koninkrijk vrienden over de vloer die zij de stad liet zien. Op basis van haar studie van symboliek van sagen en legenden, haar interesse in spirituele tradities en een verzameling van artikelen over vreemde aspecten van Antwerpen, zocht zij de geschiedenis op in de bibliotheken en ontstond 25 jaar geleden haar eerste rondleiding genaamd ‘Esoterisch Antwerpen’. Andere themarondleidingen zijn hieruit voortgekomen. Later volgde zij de opleiding stadsgids van Antwerpen en kunstgeschiedenis op de avondschool. Wat begon als hobby is uitgegroeid tot een voltijdse beroepsactiviteit. Antwerpse musea, de Stad Antwerpen, De Kleine Bron vzw en anderen doen geregeld beroep op haar als gids